Maatregel 2: VoorZorg in iedere gemeente

Paul van der Velpen, 22 mei 2018

De woorden in het beleidsverhaal
Preventie moet integraal worden aangepakt, daarom is het een taak van de gemeenten. Gemeenten kunnen beter zaken aan elkaar verbinden. Het Rijk moet de gemeenten geen kaders meegeven.

Waarom het niet werkt
Zoals in de meeste beleidsverhalen zit er een kern van waarheid in. In de wet publieke gezondheid is vastgelegd dat de gemeente verantwoordelijk is voor het leggen van verbindingen. Maar het veelvuldig gebruik van deze vaste woorden heeft ook nadelen:

  • Hiermee wordt de rol van het Rijk op gebied van preventie buiten haakjes gezet;
  • Voor je het weet worden er veel wielen uitgevonden;
  • Het verschil in dienstverlening van de overheid voor bewoners van diverse gemeenten wordt te groot (in de ogen van burgers);
  • Het inzetten van E-health is niet gebonden aan gemeentegrenzen en burgers verhuizen;
  • Er wordt geen rekening gehouden met partijen die landelijk werken: zorgverzekeraars, politie, Openbaar Ministerie. Voor hen is het niet doenlijk met elke gemeente apart afspraken te maken.

Wat dan wel?
Neem de eerste 1000 dagen van een kind (van conceptie tot 2e verjaardag). Als we het over preventie hebben is dat een periode die cruciaal is voor de verdere ontwikkeling van een kind. Of ouders roken, of obesitas hebben, de moeder medicatie of alcohol gebruikt, stress heeft vanwege schulden, laat stevige sporen na. In haar boek “De eerste 1000 dagen” heeft Tessa Roseboom een groot aantal onderzoeken op een rij gezet waaruit dit blijkt. In de praktijk zien we dat 14% van de Nederlandse kinderen een valse start heeft door bijvoorbeeld vroeggeboorte of een te laag geboortegewicht of een combinatie van beide, aldus minister Hugo de Jonge.

In elke gemeente zullen hulpverleners, ambtenaren en politici zijn die de urgentie hiervan inzien. Ze kunnen een eigen aanpak bedenken, maar de gemeente kan ook VoorZorg inkopen:

  • Dit is een programma voor kwetsbare moeders tot 25 jaar en hun kinderen. Uit onderzoek blijkt dat Voorzorg hét programma is om kindermishandeling te voorkomen en de gezondheid en ontwikkelingskansen van jonge, kwetsbare moeders en hun kinderen te bevorderen. VoorZorgmoeders hebben o.a. vaker een baan, komen minder met politie en justitie in aanraking, roken minder en geven langer borstvoeding. Als je op de website https://voorzorginfographic.ncj.nl de naam van je gemeente invult wordt zichtbaar hoeveel kwetsbare jonge vrouwen voor het programma in aanmerking komen, hoeveel het uitvoeren van het programma kost én hoeveel geld het opbrengt.
  • Het programma VoorZorg wordt in 78 van de 380 gemeenten aangeboden. Eigenlijk best raar. Stel dat je een effectief medicijn hebt, dan zou je het toch gek vinden als het in slechts 78 gemeenten wordt aangeboden. Het programma VoorZorg verdient het om landelijk te worden aangeboden. Niet alleen omdat het een effectieve aanpak is voor een urgent probleem, maar ook omdat er kapitaalvernietiging plaats vindt als een deelneemster aan VoorZorg verhuist naar een gemeente waar VoorZorg niet is ingekocht.

Medebewindvoering
Minister Hugo de Jonge heeft aangekondigd dat hij voor de zomer komt met een landelijke aanpak voor de eerste 1000 dagen (titel: “kansrijke start”). Als het inderdaad een landelijke aanpak wordt lijkt hij zich niet aan het beleidsverhaal te houden, maar hij heeft de praktijk en de wet aan zijn kant. Een belangrijk juridisch kader voor preventie wordt geboden door de wet publieke gezondheid. Kern van die wet is medebewindvoering: preventie is een taak van gemeenten én Rijk. Zo is o.a. de jeugdgezondheidszorg geregeld. Het Rijk stelt een landelijk takenpakket jeugdgezondheidszorg vast, dat in gemeenten onder lokaal bestuur wordt uitgevoerd. Gemeenten kunnen er taken aan toevoegen, het op een eigen manier in de lokale situatie vormgeven, maar het is de bedoeling dat élk kind een hielprik krijgt (bereik 99%), en er zijn vaste momenten waarop ouders met kind worden opgeroepen door de jeugdgezondheidszorg voor b.v. een vaccinatie. Minister Hugo de Jonge zal waarschijnlijk deze vaste onderdelen opnemen in het programma, maar kan anderzijds ook gebruik maken van initiatieven die door gemeenten de afgelopen jaren zijn genomen en hun waarden hebben bewezen. Niet alleen Voorzorg, maar ook “Stevig ouderschap”, Triple P, Samen starten en de Groeiapp/Groeigids.

Natuurlijk hoeft dat niet op een eenvormige manier. Opvoeders verschillen. Met een slim systeem van opsporing en goede samenwerking tussen verloskundigen, gynaecologen, jeugdgezondheidszorg. gemeente en maatschappelijke partners moet het mogelijk zijn 5-7 hoofdroutes uit te stippelen die de ongeboren baby de beste kansen geeft zich te ontwikkelen tot een gezond en gelukkig kind. Van de intensieve VoorZorg route tot een minder intensieve route met alleen hielprik, de vaste contactmomenten van jeugdgezondheidszorg en goede ondersteuning via E-health (groeigids.nl)

 

VanMontfoort geeft advies op het gebied van implementatie van het jeugdzorgbeleid bij gemeenten. De trainingen Resultaatgericht Inkopen en Complexe scheidingen sluiten hier goed op aan. Neem contact op voor meer informatie.

Categorie:

2 reacties

  • Clementine says:

    Aanstaande ouders waarbij op een of meerdere leefgebieden problemen/zorgen zijn begeleiden vanaf het moment de aanstaande moeder/ ouders voor de eerste keer bij de verloskundige komt.
    Preventiever kan bijna niet!!!
    Er zijn al initiatieven op dat gebied in ons land die hun vruchten afwerpen.

  • paul van der velpen says:

    beste clementine, aan welke initiatieven, programma’s denk je?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *